Blog

Zeven tips voor indieners innovatieve projecten

Samenwerken, co-creatie, innovaties uitrollen, kennis verspreiden. Dit zijn belangrijke woorden voor EIP-Agri. Hierbij gaat het erom dat ideeën uit de praktijk in groepsverband worden uitgewerkt. Met divers samengestelde groepen (Operational Groups) bestaat de grootste kans dat er echt innovatie ontstaat.

Nu de provincies bezig zijn met de openstellingen van de POP3 innovatieregelingen (verbonden aan EIP Agri) is het zaak om na te denken hoe je goede innovatieve projecten krijgt. Deze vraag is zowel voor initiatiefnemers als voor provincies relevant.  Als indiener is het van belang dat je een goed project maakt dat aan de goede kant van de selectie streep eindigt. En als uitvoerder van de regeling wil je de beperkt beschikbare middelen zo goed mogelijk inzetten. Met een selectieprocedure die het kaf, matig koren en het beste koren op verschillende plekken neerlegt.

"Schrijf daar eens wat over," vroeg het Netwerk Platteland. "Jij als voormalig trekker van het onderzoeksprogramma Netwerken in de veehouderij en lid van meerdere selectiecommissies Praktijknetwerken."

  1. Het belangrijkste vind ik: geloof er in als initiatiefnemer, in het doel, in de innovatie die je met elkaar wilt realiseren. Ook al zeggen anderen dat het niet kan of dat het te ingewikkeld is, zet toch door. Gun jezelf daarbij de tijd om het idee te laten rijpen. Dat is natuurlijk lastig als er een passende regeling voorbij komt en je moet beslissen of je deelneemt of wacht tot je plan rijper is. Er zijn gelukzoekers die denken: "hé een regeling, laten we gaan nadenken en een voorstel indienen." Dat leidt vrijwel altijd tot een slechter plan en een kleinere kans om op de selectiezeef te blijven liggen.
  2. Werk samen aan een gezamenlijk doel, waarvan jouw individuele doel een onderdeel is. Laat dat in de projectaanvraag duidelijk naar voren komen. En maak duidelijk dat elke deelnemer in de Operational Group actief  is in inzet, tijd en cofinanciering. Je kunt ook aangeven in het plan dat het werken in de groep een leerproces is, dat de groep leert van de dingen die goed en minder goed gaan. Als deze basis niet goed is, zal de selectie genadeloos zijn.
  3. Oriënteer je vooraf. Ik heb te veel voorstellen waarvan de indieners door beter om zich hen te kijken zouden hebben geweten dat een andere groep hier al mee bezig was. Jammer van de energie.
  4. Wees realistisch, zorg dat aanpak en doel bij elkaar passen. In elke openstelling van Praktijknetwerken zaten voorstellen uit de categorie: het doel is om de maan te bereiken en we gaan op de fiets. Laat een buitenstaander kritisch meelezen.
  5. Zet een goede procesbegeleider in. Niet iemand die een mooi plan op kan schrijven, maar iemand die snapt hoe je iedereen in de groep boven zichzelf uit kan laten stijgen om zo samen het doel te bereiken. Iemand die weet hoe belangrijk communicatie is, zowel in het netwerk als daarbuiten. Iemand met één been in en nadrukkelijk één been buiten je groep.
  6. Verdiep je goed in de voorwaarden van de regeling. Jullie initiatief wordt tijdelijk met publieke middelen ondersteund. Logisch dat aan die euro’s voorwaarden verbonden zijn. Aan communicatie, administratie, doelmatigheid en transparantie worden basiseisen gesteld die te vaak onderschat worden. Als je deze uitgangspunten kent en er in je aanvraag op inspeelt dan levert het gemak op, anders wordt het vrijwel altijd gedoe.
  7. Als laatste: schrijf een beknopt en tegelijk helder plan (in het format van de regeling) en dien dat op tijd in, ruim voor de deadline. Voorstellen die in de laatste uren binnen komen zijn te vaak incompleet of zwak.

In deze blog heb ik vanuit het gezichtspunt van de indieners jullie 7 tips aan de hand gedaan. In een tweede blog ga ik dit doen vanuit de invalshoek van de uitvoerders van de regeling, de provincies en RvO.nl.